15-03-09

Homo homini lupus est

‘De mens is voor andere mensen een wolf’. Aan deze uitspraak van de Engelse filosoof Hobbes moest ik denken toen ik het nieuws van de slachtpartij op een middelbare school in Duitsland hoorde.

 

Een groep middelbare scholieren vergelijken met een roedel wolven is niet helemaal vergezocht. Wolven leven in groep, met een strikte hiërarchische pikorde, het is hun manier om in het wild te overleven. Wolven die niet meekunnen, de minkukels, de zwakken, de afwijkingen, komen onderaan de pikorde terecht en worden in de ergste gevallen zonder genade uitgestoten. Waarna ze niet zelden solitair gaan leven en valse beesten worden die volledig asociaal gedrag vertonen, niet meer te benaderen zijn en een regelrecht gevaar vormen voor iedereen die in hun buurt komt.

 

Middelbare scholieren zijn erg groepsgericht. Je moet meekunnen, erbij horen, aangepast gedrag vertonen en uiteraard de meest hippe figuren naar de ogen kijken: peer pressure noemen sociologen dat. Ook hier wordt iedereen die niet om de een of andere reden niet meekan, de minkukels, de zwakken, de afwijkingen genadeloos uitgelachen en uitgestoten.

 

De jongen die het bloedbad aanrichtte was zo’n minkukel. Hij hoorde er niet bij, hij werd uitgelachen en uitgestoten. Hij reageerde op dezelfde manier als een wolf in zijn geval zou doen. Net omdat hij een zwakkeling was, en uit zichzelf niet over genoeg kracht beschikte om zijn vijanden mores te leren, greep hij naar de wapens die zijn ouders in huis hadden en nam op een verschrikkelijke manier wraak voor zijn vernedering.

 

Hobbes leefde in de 17de eeuw. Zijn denkbeelden worden tegenwoordig als achterhaald en primitief beschouwd. Ze passen niet in de moderne opvattingen over mens en maatschappij: wij zijn niet zo primitief, iedereen heeft gelijke rechten, voor elk probleem bestaat wel een hulpverlener of een pilletje.

Het is dan ook meer dan pijnlijk te moeten vaststellen dat Hobbes gelijk had, en heeft.

13:14 Gepost door cactusflowertje in Actualiteit | Permalink | Commentaren (0) | Email dit |  Facebook |

15-01-09

Eerlijk duurt het langst (?)

Eerste afspraakje in een gezellige taverne. Na de gebruikelijke koetjes en kalfjes komt het gesprek op tattoo’s.

‘Ik heb er een’, zeg ik.

‘Oh ja, wat voor iets, ik wil er namelijk ook een laten zetten’, zegt hij.

‘Een vlinder’, zeg ik.

‘Waarom een vlinder?’, vraagt hij belangstellend.

229139543_4_-mlk

Ai, dilemma: hij heeft een pertinente hekel aan leugens en oneerlijkheid, dat stond in zijn profiel. Ik besluit om het risico te nemen. Wie niet tegen leugens kan, moet wel tegen de waarheid kunnen. Toch?

Ik schep moed en antwoord: ‘Omdat als je de vleugels van een vlinder stileert, ze de initialen van mijn grote liefde vormen. Ik heb de tattoo laten zetten als teken van eeuwige liefde. Maar helaas had ons karma wat anders in petto en is de vlinder het enige eeuwige dat er is overgebleven.’

Mag je raden hoe lang dat afspraakje nog geduurd heeft.

14:44 Gepost door cactusflowertje in Liefde | Permalink | Commentaren (1) | Email dit | Tags: tattoo |  Facebook |

31-10-08

De probleempjes met Activia

Er valt al maanden niet aan te ontkomen. Elk reclameblok, en dat zijn er veel op een avond, heeft wel een spotje voor Activia. Daarin worden vrouwen onvermoeibaar aangespoord om hun ‘probleempjes’ met Activia op te lossen. Het werkt!

Nu wordt er veel onnozele reclame uitgezonden, maar dit slaat alles. De spotjes voor dit – dure – drankje zijn een symptoom van een steeds verdergaande trend die de niets vermoedende burger bewust met een probleem opzadelt, en het vervolgens met een gemakkelijk, maar duur middeltje wil oplossen.

In dit geval zou het om een ‘opgeblazen gevoel’ gaan. Te veel lucht in de darmen dus. De oorzaken van het Probleem worden keurig in het midden gelaten, er worden hoogstens hinten naar een druk en stresserend leven gegeven. De omvang van het Probleem wordt duidelijk als je ziet waar het toe leidt: er moeten broeken worden opengezet (geen gezicht!), je kan niet naar de speeltuin met je kleinkinderen (ach wat erruuugg), geen spelletjes spelen na de picknick (zielig!), het belet je kortom om deel te nemen aan alle Leuke Dingen van het Leven.

Verder valt het op dat het uitsluitend bij vrouwen lijkt te borrelen in de buik. Mannen komen niet in beeld. Ze kijken hoogstens tevreden als hun eega door de goede raad van een vriendin het Probleem heeft opgelost.  

Er is een goede reden dat de fabrikant zich alleen op vrouwen richt. Die generen zich namelijk gemakkelijker, zijn gevoeliger voor kritiek op hun uiterlijk, hebben heel wat over voor hun gezins- en sociale leven en zijn dus gevoeliger voor dit soort reclame. Activia

Mannen krijg je niet zo gek. Als het bij hen borrelt, laten ze een boer, desnoods een hele batterij, doen hun riem een gaatje verder dicht of lossen het op door een wind te laten. En halen vervolgens opgelucht adem. Héhé, dat lucht op. Boeren en winden mogen dan iets minder discreet werken dan een yoghurtdrankje, ze zijn alleszins efficiënt. En de enige echte oplossing voor een opgeblazen gevoel dat in de meeste gevallen heel simpel door het inslikken van lucht wordt veroorzaakt. Lekker een wind laten en het Probleem verdwijnt vanzelf, en nog volledig gratis ook.

Misschien moeten vrouwen zich gewoon wat minder aantrekken van wat iedereen zegt en denkt en dit voorbeeld volgen. Het lijkt me heel wat gezonder dan de dure scheet in de fles die Activia aanbiedt.

13:02 Gepost door cactusflowertje in Algemeen | Permalink | Commentaren (1) | Email dit | Tags: reclame, voeding, lifestyle |  Facebook |

26-10-08

Het verhaal van Nefron Oti (+18j)

Het verhaal van Nefron-Oti

 

Het is koud hier boven op de rots waar ik zit. De wereld om me heen is nog donker en stil. In de verte is alleen het akelige gejank van de jakhalzen te horen die rond de graven van de doden dwalen. Hoe ironisch dat dit het laatste geluid is dat ik zal horen. Ik zucht diep, leg mijn hoofd op mijn knieën en denk terug aan hoe mooi het begonnen was, hoe mooi alles had kunnen zijn.

Ik was nog maar een kleuter toen ik mijn familie verliet en in de tempelscholen van Beneden-Egypte aan mijn opleiding als priesteres begon. Een vrolijk, babbelziek en eindeloos nieuwsgierig meisje met maar een doel in het leven: het bereiken van onsterfelijkheid. Het was een hoog gegrepen doel dat door velen werd nagejaagd, maar door weinigen werd bereikt. Maar onmogelijk was het niet en ik was naïef genoeg om te denken dat met talent en wilskracht alles te bereiken viel, ook de sterren.

Mijn eerste leraar was een klein schriel mannetje met een wilde grijze baard die de gave had om de talenten van zijn kleine groepje leerlingen feilloos in te schatten. Hij zag in dat ik het ver kon brengen en was zo gul met zijn wijsheid en ervaring dat ik al snel goede vorderingen maakte. Ik was een van zijn lievelingen en hij werd het nooit moe om naar mijn talloze vragen te luisteren en om ze allemaal met een toegeeflijke glimlach op zijn gerimpelde gezicht te beantwoorden. We waren zo dol op elkaar dat ik hem liefkozend 'baba’ noemde, hoewel hij niet mijn echte vader was en hij mij mijn naam gaf: Nefron-Oti, naar het gele zangvogeltje dat van 's morgens vroeg tot zonsondergang zingt.

 

Het waren gelukkige jaren die rimpelloos als het Nijlwater in elkaar overvloeiden en nog gelukkiger werden toen ik de liefde van mijn leven ontmoette. Ik herinner het me alsof het gisteren was. De schemerige tempelgang die verlicht werd door de lamp die baba op zijn hand droeg, het rijtje leerlingen dat hem eerbiedig volgde, en de rij soldaten die tegen de muur de wacht betrokken, hun halskragen en bronzen strijdbijlen glanzend in het zachte lampenlicht. Opeens sprong een van hen met een kreet uit het gelid naar voren. Ik draaide me om en wierp een strenge blik naar de onverlaat die het waagde om de gewijde stilte te verstoren. Hij reageerde met een hartveroverende grijns en een half verontschuldigend schouderophalen dat een hele wolk vlinders deed opfladderen in mijn buik en mijn strenge blik prompt in een stralende glimlach veranderde. Hoe oud zou hij geweest zijn? Negen, tien? Ik weet het niet, hij moet toen een cadet aan een van de militaire academie in het noorden zijn geweest, een volksjongen met ambities die minstens even ver reikten als de mijne. Het waren echter niet alleen onze eenvoudige afkomst en ambities die ons vanaf die dag verbonden. Het was ook liefde, een pure en onschuldige liefde die ervoor zorgde dat we elkaar niet meer uit het oog verloren.

Terwijl we elk ons eigen pad volgden, hij in het voetspoor van zijn aanbeden Ramses II en ik in de tempelscholen die over het hele rijk verspreid lagen, werden we samen volwassen. Elk vrij ogenblik brachten we samen door. Wandelend langs de oevers van moedertje Nijl, triktrak spelend en vooral veel pratend en plezier makend. Als officier in de elite-eenheid van de farao kende hij alle nieuwtjes van het hof en had hij altijd wel een of ander sterk verhaal over onze koning die door zijn leger half eerbiedig, half gekscherend 'de grote baas' werd genoemd. Ramses II was niet alleen een bekwaam veldheer en uitzonderlijk bouwer, maar stond hij wijd en zijd ook bekend om zijn vruchtbaarheid die hij elk jaar aan zijn volk moest bewijzen. Bij die gelegenheid werd zijn fier opgericht geslacht helemaal met goud bekleed en in al zijn glorie tentoongesteld aan de toegestroomde menigte die hem luidruchtig loofde en hem een lang en vruchtbaar leven toewenste. Zijn vruchtbaarheid en voorspoed waren immers de waarborg voor onze eigen voorspoed en welstand.

 

Ik diende in de tempel van Anuket op het eiland Abu en bereidde me voor op de ultieme proef met de sarcofaag die me over de grens van de dood, en weer terug zou brengen, toen ons vredige bestaan voor altijd veranderde.

Er was oorlog op komst. Er waren problemen met een Hittietische vazal en het garnizoen in de grensstad Syene waar mijn geliefde diende, bevond zich al een hele tijd in een staat van opperste paraatheid. De dag van zijn vertrek naderde snel. Ik zie hem nog staan op zijn strijdwagen, groot en breedgeschouderd, zijn brede gezicht met de zwarte arendswenkbrauwen lachend onder de gouden uraeus die fel schitterde in de zon. Met een hand hield hij de paarden in bedwang, met zijn vrije arm pakte hij me bij mijn taille en kuste me onstuimig. Zijn polsband drukte pijnlijk tegen mijn ruggengraat maar ik voelde het nauwelijks. Na een eeuwigheid liet hij me los, legde een vinger onder mijn kin en zei met ondeugende pretlichtjes in zijn ogen: vaarwel mijn gazelle, we zien elkaar terug. Ik knikte en lachte terug. Nee, er was geen droefheid om dit afscheid, ik wist dat hij gelijk had en dat we elkaar terug zouden zien. Iets anders was simpelweg ondenkbaar. Hij legde de zweep over de paarden en draaide zich nog één keer om voor hij wegstoof. Daar stond ik in het helle zonlicht, in mijn witte priesteressenkleed, met slechts een paar zilveren armbanden als enige versiering. Ik besloot ze nooit meer af te doen, hij had het zo prettig gevonden om ermee te spelen en ze te laten rinkelen.

Toch miste ik hem veel meer dan ik gedacht had. We waren sinds onze kindertijd nooit gescheiden geweest en elkaars enige familie. Pas toen hij uit mijn leven verdween, merkte ik hoezeer ik altijd op hem gesteund en vertrouwd had. Ik gooide me meer dan ooit op mijn studie en werk maar dat lukte maar half en ik werd stiller en verstrooider dan iemand me ooit gezien had.

 

Zo kwam ik dat ik op een vroege ochtend, toen ik langs de Nijloever bloemen was gaan plukken om het beeld van Anuket te versieren, niet merkte dat ik op de terugweg gevolgd werd. Ik was net het beeld aan het versieren, daarbij stil de bijhorende gebeden prevelend, toen hij binnenkwam. Een grote man met een lange zwarte mantel en een zwart, spits hondenmasker met gouden oorschelpen. Ik bekeek hem nieuwsgierig, maar was in tegenstelling tot het gewone volk niet bang van zijn sinistere verschijning. Gewone mensen koesterden een bijgelovige angst voor de priesters van de god Anubis, ze hielden zich bezig met geheimzinnige zaken zoals het balsemen van de doden, maar ik wist beter. Dacht ik. Ik groette hem vriendelijk en een beetje verbaasd. Hij antwoordde niet maar bracht een zwarte hand naar de sluiting van zijn mantel en trok hem zonder een woord open zodat ik zijn naakte lichaam kon zien. Hij was niet alleen heel groot, maar ook mager en heel onegyptisch over zijn hele lichaam behaard. En wat was dat lichaamsdeel onderaan zijn buik dat zo prominent vooruitstak? Ik was zo wereldvreemd opgevoed dat ik nog nooit een naakt mannenlichaam had gezien en bekeek hem met openlijke nieuwsgierigheid. Opeens greep hij mijn arm beet en grauwde: ‘Ik heb een teef nodig en ik wil jou. Van nu af aan ben je van mij, je bent van mij, van mij!’ De schrik sloeg me om het hart en ik probeerde me los te rukken maar hij was veel sterker, trok me naar zich toe en beet kwaadaardig in mijn hand. Het bloed van de wonde likte hij met zijn lange tong haastig weg. Van wat daarna gebeurde, kan ik me niets meer herinneren. Ik heb de herinnering diep in mijn geheugen begraven en alles uitgevlakt, vergeten. Wat ik niet kon vergeten, was dat hij niet alleen mijn maagdelijkheid had gestolen maar ook mijn dromen en ambities. De grote proef was zo gevaarlijk en veeleisend dat alleen iemand die een volmaakt zuiver bestaan leidde, ze kon overleven. Als dit bekend werd, zou ik nooit toelating krijgen om ze te doen. En dus zweeg ik. Ook al omdat ik zijn naam niet kende, en zelfs het gezicht achter het masker niet had gezien. Ik bad tot de goden dat bij in een vlaag van krankzinnigheid had gehandeld en dat hij me verder met rust zou laten maar dat bleek ijdele hoop. Hij kwam weer, en bleef komen. Mijn onervarenheid ergerde hem en hij leerde me stap voor stap hoe ik hem plezier kon schenken. Ik deed het en berustte in mijn lot. Ik kon nergens naartoe en er was niemand die zich mijn zaak zou aantrekken. Na een tijdje keerde mijn maag zich zelfs niet meer om als ik aan hem en de onvermijdelijke volgende keer dacht. Ik leerde om mijn gevoelens uit te schakelen en alles bijna onverschillig te ondergaan. Toen hij dat merkte, wekte het zijn ongenoegen op en hij begon me uit wraak te leren om van mijn eigen lichaam te genieten. Door zijn beroep had hij een zeer goede anatomische kennis en wist hij perfect hoe hij een vrouw kon laten genieten en haar naar meer kon laten verlangen. Tot mijn eeuwige schande moet ik bekennen dat er waren momenten kwamen dat ik naar zijn harde lichaam verlangde en ik rilde soms onbewust als ik aan zijn vaardige handen met de lange zwartgeschilderde nagels dacht. Onvergeeflijk en een priesteres onwaardig, ik weet het en mijn gedrag vervult me nu met schaamte. Des te meer omdat ik niet van hem hield en hij niet van mij, nooit was er tederheid of zelfs maar genegenheid tussen ons en onze intimiteit diende louter om onze lichamelijke behoeften te bevredigen. Tot op heden weet ik zijn naam niet en weet ik niet hoe het gezicht achter het masker eruit ziet, hij heeft het niet een keer afgenomen. De dagen regen zich aaneen en er was weinig of niets waar ik nog genoegen aan beleefde, Nefron Oti zong niet meer.

Toen de Nijl opnieuw wies, merkte ik dat mijn buik dikker leek te worden en mijn borsten werden zwaar en pijnlijk. Al gauw had iedereen, behalve ik door wat er gaande was. De schande en de waarheid waren niet lang te verbergen: ik was zwanger. De hogepriesteres was woedend en ik moest haar toorn gelaten ondergaan. Er was geen sprake van dat ik mijn studie zou voltooien en er was nog minder sprake van dat ik mijn kindje zou mogen houden. Niet alleen mijn eer, maar die van de hele tempel stond op het spel en dus bracht ik de rest van mijn zwangerschap in strikte afzondering door. Zoals ze gezegd had, werd de baby onmiddellijk na de geboorte door een dienares weggedragen. Ik heb hem zelfs niet gezien, weet nog steeds niet of het een jongetje of een meisje is, of welk lot hem te beurt is gevallen. Zouden ze het hebben laten leven? Het is onwaarschijnlijk.

Omdat ik jong en sterk was, herstelde ik snel van de bevalling en hernam ik de dienst in de tempel. Al gauw werd de zwarte priester opnieuw een regelmatige bezoeker. Omdat ik geen kind had om te zogen, waren mijn borsten nog steeds zwaar en hun volle rondheid wekte zijn begeerte op. Grinnikend boog hij zijn gemaskerde kop met de spitse hyenasnuit opzij en dronk ze begerig leeg. Ik liet hem begaan, het bracht verlichting, maar mijn verlangen naar hem was voorgoed over. Uiterlijk leek er niets veranderd te zijn, maar innerlijk was ik dood. Mijn enige troost was te weten dat mijn liefste ver weg was en onwetend over wat me was overkomen.

Tot ook die enige troost me werd ontnomen. Van politiek wist ik niets en ik kwam zo weinig van het eiland af dat ik niet wist dat het leger na de slag bij Kadesh eindelijk, na meer dan een jaar afwezigheid terug op weg naar huis was. Hij had de tempel onmogelijk op een slechter moment kunnen binnenlopen. Hij heeft wat hij zag onmogelijk verkeerd kunnen begrijpen. Ik voelde hoe de zwarte priester zich schielijk terugtrok en van schrik zijn adem inhield en richtte me op om te kijken waar hij van geschrokken was, net op tijd om zijn grote gestalte met gebogen hoofd te zien wegbenen. Ik viel terug op mijn knieën en barstte in snikken uit, bonkte in wanhoop mijn hoofd tegen de koele stenen. De priester keek onaangedaan op me neer, veegde haastig een blokje houtskool over zijn armen zodat ze terug zwart werden en vertrok zonder een woord. Ik bleef alleen achter en verviel in een lethargie die me niet meer verlaten heeft. Alles wat ik ooit gewild had, waar ik zo hard voor gewerkt had en me alles, ook de oprechte liefde van een groot man, voor had ontzegd, was weg. Voorgoed verdwenen. Geen hoop dat het nog ooit goed zou komen. De sterren schitteren koud en helder aan de hemel en zijn verder weg dan ooit, mijn kind is me ontnomen en de enige man die ik ooit lief heb gehad, heeft me zijn rug toegekeerd. Verraad tolereert hij niet, ondanks zijn liefde zou hij het me nooit vergeven hebben. Waarom heb je niets gedaan liefste? Waarom heb je me laten leven? Je had je sterke handen rond mijn keel moeten leggen en het leven er eigenhandig uit moeten knijpen. Je had je grote paardenzweep ongenadig over mijn rug moeten leggen zodat ik mijn schuld en verraad met mijn bloed had kunnen afbetalen. In plaats daarvan gaf je me de wreedste straf denkbaar: leven. Maar ik wil niet meer leven, ik heb niets meer om voor te leven. Ik veeg de tranen van mijn gezicht en kijk naar het oosten waar Ra zijn eerste stralen laat schijnen voor hij aan zijn tocht over de aarde begint. Diep beneden me wenkt de duisternis. Ik sta moeizaan recht, veeg uit gewoonte het stof van mijn kleed en loop naar het randje. Ik kom…


When I think back on these times and the dreams we left behind
I'll be glad 'cause I was blessed to get to have you in my life
When I look back on these days I'll look and see your face

In my dreams I'll always see you soar above the sky
In my heart there will always be a place for you, for all my life
I'll keep a part of you with me and everywhere I am there you'll be

You showed me how it feels to feel the sky within my reach
And I always will remember all the strength you gave to me
Your love made me make it through, I owe so much to you

'Cause I always saw in you my light, my strength
And I want to thank you now for all the ways
For always
Faith Hill


 

 

 

 

20:09 Gepost door cactusflowertje in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Email dit |  Facebook |

17-10-08

Idem velle atque idem nolle...

Zo omschrijft oud-premier Martens zijn relatie met zijn nieuwe echtgenote, Miet Smet.

Als hij deze beroemde uitspraak van Seneca helemaal had gelezen, had hij geweten dat die eindigt met… ea denum firma amicitia est. Oftewel, dat is echte vriendschap. ‘Wij zijn soul mates’, voegde hij er nog aan toe, ‘hoewel die term ook van toepassing is op minnaars’. Wat hij en Miet volgens hem duidelijk niet zijn…

 

Nu is een minister van staat niet de meest aangewezen persoon om uitspraken over vriendschap en liefde te doen. Maar zijn ‘gaffe’ is een goed voorbeeld van de algemene begripsverwarring die er omtrent het onderwerp heerst. Op dating sites vind je regelmatig mensen die zichzelf agnosticus noemen, maar die wel een ‘soul mate’ zoeken. Da’s een merkwaardige redenering: ze geloven niet in het bestaan van een ziel maar zijn toch op zoek naar een gelijkgestemde ziel.

 

Het wordt er niet gemakkelijker op door de veelheid van termen die iedereen vrolijk en zonder nadenken door mekaar gebruikt. Want wat is een ‘soul mate’ eigenlijk? Een gelijkgestemde ziel, een zielsverwant? Iets wat de Fransen ‘âme-soeur’ noemen? En wat is een tweelingziel, een twin soul dan? Is dat hetzelfde als een soul mate of is er een verschil tussen de twee? En zo ja, waar zit dat dan?

loslatenZowat alle culturen ter wereld kennen verhalen over zielen die zich ooit in twee deelden en sindsdien uit een eeuwig heimwee en desperaat verlangen naar hun wederhelft de hele wereld afzoeken om zich terug te verenigen en opnieuw een hele ziel te vormen. Deze zielhelften zouden onderling verbonden zijn door een rode draad waardoor ze het contact nooit helemaal verliezen en uiteindelijk de weg terug naar elkaar kunnen vinden. Dat is de reden waarom bruiden in onder meer Japan en Turkije een rood lint dragen. Zij hebben hun wederhelft gevonden. Het is ook in het taalgebruik verweven: zij is zijn betere helft, ik voel me maar een half mens zonder X of Y, enz... Dat zijn dus tweelingzielen, of twin souls, die elkaar ondanks alle uiterlijke verschillen onweerstaanbaar aantrekken en zich pas in de nabijheid van de ander helemaal mens voelen.  En iedereen heeft daar welgeteld een exemplaar van.

DSC00670Dan zijn er de soul mates. In het meervoud. De beste vriend(in), collega, ouder, buurvrouw, tennispartner, het sympathieke medelid van de fanfare…of je man/vrouw. Iedereen heeft wel een of meerdere mensen in zijn leven met wie je zoveel gemeenschappelijks deelt dat je altijd wel wat te bespreken hebt, waar je al je zorgen bij kwijt kunt, die gewoon zo'n fijn gezelschap zijn dat je je bij hen helemaal op je gemak voelt. En dat je hele leven lang. Gelijkgestemde zielsverwanten dus.

Het verschil tussen beide zit hoofdzakelijk in de intensiteit. De aantrekkingskracht tussen twin souls, die vooral van seksuele en/of spirituele aard is, is zo sterk dat ze bijna niet te weerstaan is. Kijk maar naar Pericles en Aspasia, Napoleon en Joséphine, Catherina de Grote en graaf Potemkin, Johannes van het Kruis en Theresa van Avilla. Grote liefdes, van sterke mensen, die heel wat litteratuur van topklasse opleverden maar al te vaak ook fatale liefdes waren die de geliefden en hun omgeving heel wat ellende bezorgden en meer dan eens slecht afliepen. Er is namelijk een reden waarom de ziel zich ooit splitste. Meestal gebeurde dat omdat de onderlinge verschillen sterker werden dan de gelijkenissen waardoor er zoveel spanning ontstond dat de ziel uiteenviel. Voor die tegenstellingen zijn opgeheven, is er ondanks de overweldigende liefde hoegenaamd geen garantie op een ‘eternal bliss’.

De aantrekkingskracht van een zielsverwant is van geheel andere aard omdat ze veel minder expliciet seksueel getint is. Omdat dat soort relaties een veel bredere en dus solidere basis heeft, zijn ze beter bestand tegen de stormen van het leven en is de kans op een langdurige, comfortabele relatie veel groter. Minder vuurwerk, da’s waar, maar ook minder hartzeer.

Als het onverhoopt toch slecht afloopt met de ene soul mate, kan je bovendien nog altijd op www.rendez-vous.be terecht waar duizenden andere soul mates op je wachten.   

16:14 Gepost door cactusflowertje in Liefde | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: dating |  Facebook |

07-10-08

Zalig zaterdags zwemmen

Ik heb een hele tijd lopen piekeren over een goeie manier om aan mijn conditie te werken. Na het aflopen van een hele resem mogelijkheden die allemaal een voor een afvielen, bleef er eigenlijk maar eentje over. Zwemmen! Het had alles wat een onsportief, om niet te zeggen ronduit lui persoon als ik van sport verwacht. Goedkoop, zwembad beschikbaar in de buurt en open op zaterdagochtend, heel volledig omdat alle spieren aan bod komen, geen dure uitrusting nodig, niet competitief, calorieverbrandend, … Ideaal gewoon.

Vorige zaterdag hees ik me dus op een ongewoon vroeg uur uit mijn bed, vond na enig zoeken mijn badpak, graaide een handdoek en kam bijeen en fietste vastberaden naar het zwembad (nog 100 calorieën extra).

Het zag er goed uit: de zon scheen door de grote ramen en deed het water flonkeren, het was er vrij rustig, en het was er lekker warm. Niet onbelangrijk voor iemand met een gruwelijke hekel aan koude.

Een beetje onwennig liet ik me in het warme water zakken en begon op mijn gemakje aan een eerste 25 meter. Helemaal buiten adem hees ik me op de rand en nam even de tijd om de overige badgasten te bekijken. Veel buikige heren van rond de vijftig en al even buikige oma's met de kleinkinderen. Niets bijzonders, en nog minder aantrekkelijks. Tot ik heel in de verte in het pierenbadje een opvallende mannenrug in het oog kreeg. Beter gezegd: de grote getatoeëerde letters op zijn onderrug. Ik was me net aan het afvragen waar die grote zwarte letters voor konden staan toen hij zich omdraaide. De letters waren op slag vergeten: het is lang geleden dat ik nog zoveel perfecte bi- en triceps, abs en hoe de rest ook moge heten bij elkaar heb gezien.  

Hij had ook opvallend gezelschap bij. Een blond mongooltje van een jaar of vier, en zo lief en schattig als alleen vierjarige jongetjes kunnen zijn.

De combinatie van die grote gespierde man met zijn stoere kortgeschoren grijze kop en dat blonde mollige kind was zo intrigerend dat ik terug in het water plonsde en in een persoonlijke recordtijd de 25 meter terug naar de overkant aflegde. Al gauw kon ik mijn ogen bijna niet van hen afhouden: hij was zo geduldig, lief en zorgzaam met zijn zoontje bezig en zo geconcentreerd met hem aan het spelen en hem aan het lachen aan het brengen dat ze de hele wereld leken te vergeten. Ik had eindeloos naar ze kunnen kijken, maar dat ging niet. Ik heb ooit een goede opvoeding gekregen en die verbiedt nu eenmaal het gapen naar mensen. Ook als ze zo mooi en ontroerend zijn als die twee. Het halfuurtje zwemmen was om voor ik het wist.

Wie zei dat aan je conditie werken een corvee is? Mij zal je dat alvast niet meer horen beweren.  

18:18 Gepost door cactusflowertje in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Email dit |  Facebook |

26-09-08

The Cosmos rocks!

Toen ik afgelopen dinsdag het concert van Queen (minus Freddie Mercury, plus Paul Rogers) bijwoonde, kreeg ik hetzelfde gevoel dat je bekruipt als je eerst een steengoed boek leest en nadien naar de verfilming kijkt. Het verhaal is in grote lijnen hetzelfde gebleven, en de achtergrond ook, maar er is ook heel wat verdwenen, of aangepast zodat je altijd op je honger blijft zitten.

En zo was het ook met dit concert. De songs waren dezelfde, en de omkadering ook, maar alles wat Queen zo anders maakte, wat hen ver boven andere rockbands deed uitsteken, was verdwenen.

Daarmee wil ik niet zeggen dat Paul Rogers geen goede zanger is, helemaal niet. Hij heeft zelfs een vollere, sterkere stem dan Freddie Mercury had. Maar hij is een rocker pur sang: rechttoe rechtaan, weinig franje, de beuk erin en stampen maar. Alles wat Queen zo bijzonder en uniek maakte: de perfecte samenzang, de grappige stemmetjes en geluidjes, het theatrale, de subtiele nuances en verfijning, de ideale combinatie van Brian May’s gitaar en Freddie’s hoge stemgeluid… allemaal weg, verdwenen, uitgevlakt en teruggebracht tot een eendimensionale dreun. Dat werd vooral pijnlijk duidelijk in het nummer 'the show must go on' dat naar een climax toe opbouwt waarin stemmen en gitaar bijna duelleren om de aandacht en elkaar tegelijk volmaakt aanvullen. Het ging niet, het lukte niet, de nochtans krachtige maar te lage stem van Paul Rogers ging roemloos ten onder in de virtuoze klanken van Brian May’s gitaar.

The Cosmos rockte dinsdag inderdaad, en anders het Sportpaleis wel, maar zonder de magie van Freddy Mercury is het daarbij gebleven.

16:56 Gepost door cactusflowertje in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: concert |  Facebook |